Kennisbank – Ontwikkelbedrijven.nl
Verdieping: geschiedenis ontwikkelbedrijf
Van sociale werkplaats naar ontwikkelbedrijf
De sociale werkplaats van vroeger bestaat in veel gemeenten niet meer in dezelfde vorm. Sinds de invoering van de Participatiewet in 2015 is de Wet sociale werkvoorziening afgesloten voor nieuwe instroom. Mensen die al een Wsw-indicatie hadden, behouden hun rechten, maar nieuwe doelgroepen vallen sindsdien onder andere regelingen en voorzieningen.
Veel voormalige sociale werkplaatsen zijn daardoor veranderd in ontwikkelbedrijven, sociaal ontwikkelbedrijven, werkbedrijven of werkontwikkelbedrijven. De naam verschilt per regio, maar de maatschappelijke opdracht blijft herkenbaar: mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt ondersteunen met passend werk, begeleiding en ontwikkeling.
Toch is een ontwikkelbedrijf niet simpelweg een nieuwe naam voor de sociale werkplaats. De opdracht is breder geworden. Het gaat niet meer alleen om beschut werk binnen de eigen organisatie, maar ook om ontwikkeling, begeleiding naar regulier werk, detachering, samenwerking met werkgevers, loonkostensubsidie, SROI en soms ook bredere taken binnen het sociaal domein.
Wat was de sociale werkplaats?
De sociale werkplaats was bedoeld voor mensen die door een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking niet zonder ondersteuning op de reguliere arbeidsmarkt konden werken. Via de Wet sociale werkvoorziening konden zij werken onder aangepaste omstandigheden.
Een sociale werkplaats bood vaak:
- aangepast werk;
- begeleiding op de werkvloer;
- structuur en werkritme;
- beschutte arbeidsomstandigheden;
- een dienstverband op basis van de Wsw;
- werk binnen productie, groen, schoonmaak, montage, verpakken of facilitaire diensten.
Voor veel mensen was de sociale werkplaats een belangrijke en stabiele werkplek. Het bood inkomen, collega’s, eigenwaarde en een plek om mee te doen.
Wat veranderde er in 2015?
In 2015 werd de Participatiewet ingevoerd. Daarmee veranderde het stelsel voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt ingrijpend.
De belangrijkste verandering was dat de Wsw werd afgesloten voor nieuwe instroom. Nieuwe Wsw-indicaties worden sindsdien niet meer verstrekt. Mensen die al een Wsw-indicatie hadden, behouden hun bestaande rechten, maar nieuwe kandidaten vallen onder de Participatiewet.
De gedachte achter de Participatiewet was dat meer mensen met ondersteuning bij reguliere werkgevers aan het werk zouden kunnen. Gemeenten kregen daarbij een centrale rol in de uitvoering.
Sindsdien wordt meer gebruikgemaakt van instrumenten zoals:
- beschut werk;
- loonkostensubsidie;
- jobcoaching;
- werkplekaanpassingen;
- begeleiding op de werkvloer;
- proefplaatsingen;
- re-integratietrajecten;
- de banenafspraak;
- ondersteuning richting regulier werk.
Daardoor veranderde ook de rol van de voormalige sociale werkplaatsen.
Waarom werd de sociale werkplaats veranderd?
De verandering kwam voort uit de wens om meer mensen mee te laten doen op de reguliere arbeidsmarkt. In plaats van aparte regelingen en afzonderlijke routes wilde de overheid één breder stelsel waarin gemeenten maatwerk konden bieden.
De gedachte was: regulier werk waar het kan, beschut of aangepast werk waar dat nodig is.
In de praktijk betekent dit dat gemeenten moeten beoordelen welke ondersteuning iemand nodig heeft. Sommige mensen kunnen met begeleiding bij een reguliere werkgever werken. Anderen hebben een beschutte werkplek nodig. En weer anderen hebben eerst een ontwikkeltraject, werkervaring of intensieve begeleiding nodig voordat betaald werk haalbaar wordt.
De voormalige sociale werkplaats werd daardoor onderdeel van een bredere sociale infrastructuur.
Bestaat de sociale werkplaats nog?
Ja en nee.
De sociale werkplaats als Wsw-regeling is gesloten voor nieuwe instroom. Maar de organisaties, kennis, werkplekken en begeleiding bestaan op veel plekken nog steeds. Alleen zijn veel organisaties veranderd van naam, vorm en opdracht.
Daarom spreken veel gemeenten en organisaties nu over:
- ontwikkelbedrijf;
- sociaal ontwikkelbedrijf;
- werkontwikkelbedrijf;
- werkbedrijf;
- leerwerkbedrijf;
- participatiebedrijf;
- sociaal werkbedrijf.
Sommige mensen gebruiken nog steeds de term sociale werkplaats. Dat is begrijpelijk, omdat die naam jarenlang bekend was. Maar in beleid en uitvoering wordt steeds vaker gesproken over ontwikkelbedrijven of sociaal ontwikkelbedrijven.
Wat is het verschil tussen een sociale werkplaats en een ontwikkelbedrijf?
Het belangrijkste verschil is de opdracht.
De klassieke sociale werkplaats was vooral gericht op het bieden van werk aan mensen met een Wsw-indicatie. Het werk vond vaak plaats binnen de eigen organisatie of via detachering, onder aangepaste omstandigheden.
Een ontwikkelbedrijf heeft meestal een bredere rol. Naast Wsw en beschut werk kan een ontwikkelbedrijf ook betrokken zijn bij:
- re-integratie;
- begeleiding naar regulier werk;
- loonkostensubsidie;
- detachering;
- werkgeversdienstverlening;
- SROI;
- ontwikkeltrajecten;
- arbeidsmarktoriëntatie;
- participatie;
- soms ook inburgering of taken rond Werk en Inkomen.
Kort gezegd:
"De sociale werkplaats was vooral een voorziening voor aangepast werk.
Het ontwikkelbedrijf is onderdeel van een bredere sociale infrastructuur voor werk, begeleiding en ontwikkeling."
Waarom gebruiken we de term ontwikkelbedrijf?
De term ontwikkelbedrijf past beter bij de huidige opdracht. Het gaat niet alleen om werk aanbieden, maar ook om mensen helpen ontwikkelen.
Dat kan ontwikkeling betekenen in kleine of grote stappen:
- leren op tijd te komen;
- werkritme opbouwen;
- samenwerken;
- instructies opvolgen;
- belastbaarheid vergroten;
- werknemersvaardigheden ontwikkelen;
- vakvaardigheden leren;
- zelfvertrouwen opbouwen;
- doorgroeien naar ander werk;
- de stap maken naar een reguliere werkgever.
Voor sommige mensen is het ontwikkelbedrijf een blijvende passende werkplek. Voor anderen is het een tijdelijke opstap. Beide functies zijn belangrijk.
Een ontwikkelbedrijf kan dus tegelijk een vangnet, springplank en ontwikkelhuis zijn.
Waarom verschillen ontwikkelbedrijven per gemeente?
Sinds de invoering van de Participatiewet hebben gemeenten meer verantwoordelijkheid gekregen voor de uitvoering van werk, inkomen en participatie. Gemeenten bepalen zelf hoe zij hun sociale infrastructuur organiseren.
Daardoor zijn er grote verschillen ontstaan tussen regio’s.
In sommige gemeenten voert het ontwikkelbedrijf vooral Wsw en beschut werk uit. In andere gemeenten is het ontwikkelbedrijf breder verantwoordelijk voor re-integratie, werkgeversdienstverlening of begeleiding naar regulier werk. Er zijn ook gemeenten waar werk en inkomen in één organisatie zijn samengebracht.
Dat verklaart waarom ontwikkelbedrijven verschillende namen, taken en organisatievormen hebben.
De vijf typen ontwikkelbedrijven
In onderzoek en sectorinformatie worden vijf hoofdtypen ontwikkelbedrijven onderscheiden. Deze indeling helpt om beter te begrijpen hoe verschillend de sector is georganiseerd.
1. Klassiek ontwikkelbedrijf
Een klassiek ontwikkelbedrijf voert hoofdzakelijk of alleen nog de Wsw uit. De organisatie richt zich vooral op mensen die vóór 2015 al een Wsw-indicatie hadden.
2. Bedrijf voor beschut werk
Een bedrijf voor beschut werk voert naast de Wsw vooral beschut werk uit. Andere re-integratietaken zijn beperkt of niet aanwezig.
3. Partieel ontwikkelbedrijf
Een partieel ontwikkelbedrijf voert naast Wsw en beschut werk ook andere re-integratietaken uit. De aard en omvang daarvan verschillen per gemeente of regio.
4. Integraal ontwikkelbedrijf
Een integraal ontwikkelbedrijf voert alle werk- en re-integratietaken uit voor de deelnemende gemeente of gemeenten. De uitkeringsverstrekking is dan meestal nog apart georganiseerd.
5. Gecombineerd bedrijf
Een gecombineerd bedrijf brengt werk, re-integratie en inkomen samen in één organisatie. Dit type voert dus ook taken rond inkomensondersteuning uit.
Deze vijf typen laten zien dat er niet één standaardmodel bestaat. De vorm van een ontwikkelbedrijf hangt af van lokale keuzes, gemeentelijke opdracht, regionale samenwerking en de visie op werk en participatie.
Loonkostensubsidie en loonwaarde
Onder de Participatiewet speelt loonkostensubsidie een belangrijke rol. Dit instrument wordt ingezet wanneer iemand wel kan werken, maar niet zelfstandig het wettelijk minimumloon kan verdienen.
De loonwaarde geeft aan hoeveel iemand zelfstandig kan verdienen ten opzichte van het wettelijk minimumloon. Als iemand bijvoorbeeld 50% loonwaarde heeft, kan de gemeente het verschil tot het wettelijk minimumloon compenseren met loonkostensubsidie.
Dit is anders dan de vroegere Wsw-systematiek. Onder de Wsw was sprake van een ander financieringsmodel. Onder de Participatiewet is de ondersteuning meer gekoppeld aan loonwaarde, begeleiding en gemeentelijke keuzes.
Voor ontwikkelbedrijven betekent dit dat financiering en bedrijfsvoering complexer zijn geworden.
Van eindstation naar springplank
Vroeger werd de sociale werkplaats vaak gezien als een vaste werkplek voor langere tijd. Voor veel mensen was dat passend en waardevol.
Tegenwoordig wordt van ontwikkelbedrijven vaker verwacht dat zij ook een springplank zijn richting regulier werk. Waar mogelijk begeleiden zij mensen naar een baan bij een reguliere werkgever. Dat kan via detachering, jobcoaching, leerwerktrajecten of directe plaatsing met ondersteuning.
Tegelijkertijd blijft het belangrijk dat ontwikkelbedrijven ook een veilige plek bieden voor mensen voor wie regulier werk niet haalbaar is. Niet iedereen kan doorstromen. Voor sommige mensen is beschut of aangepast werk juist de meest passende en duurzame oplossing.
De kracht van een ontwikkelbedrijf zit daarom in maatwerk: kijken wat iemand nodig heeft en welke stap haalbaar is.
De rol van werkgevers
Werkgevers spelen een steeds belangrijkere rol. De Participatiewet gaat uit van een inclusieve arbeidsmarkt, waarin ook reguliere werkgevers kansen bieden aan mensen met een ondersteuningsbehoefte.
Ontwikkelbedrijven kunnen werkgevers daarbij ondersteunen. Zij kennen de doelgroep, weten welke begeleiding nodig is en kunnen helpen bij matching, werkplekaanpassing, detachering of SROI.
Werkgevers kunnen met ontwikkelbedrijven samenwerken voor onder meer:
- productie- en inpakwerk;
- groenvoorziening;
- schoonmaak;
- catering en facilitaire diensten;
- logistiek;
- montage en assemblage;
- detachering;
- invulling van SROI-verplichtingen;
- inclusief werkgeverschap.
Zo vormen ontwikkelbedrijven een brug tussen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en werkgevers die sociaal willen ondernemen.
Ontwikkelbedrijven en SROI
SROI staat voor Social Return on Investment. Bij aanbestedingen kan een opdrachtgever vragen om sociale waarde te realiseren. Dat kan bijvoorbeeld door werkgelegenheid te creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
Ontwikkelbedrijven zijn hierbij logische partners. Zij beschikken over werksoorten, begeleiding en kennis van de doelgroep. Een opdrachtnemer kan via een ontwikkelbedrijf werkzaamheden laten uitvoeren of mensen met ondersteuning inzetten.
Daarmee kan SROI praktisch worden ingevuld, terwijl tegelijkertijd de sociale infrastructuur wordt versterkt.
Sociale infrastructuur: meer dan één organisatie
De ontwikkeling van sociale werkplaats naar ontwikkelbedrijf laat zien dat het niet alleen gaat om één organisatie. Het gaat om de bredere sociale infrastructuur.
Daarmee bedoelen we het geheel van organisaties, voorzieningen, werkplekken, werkgevers, afspraken en financiering dat nodig is om mensen te ondersteunen richting werk en participatie.
Die infrastructuur bestaat bijvoorbeeld uit:
- gemeenten;
- ontwikkelbedrijven;
- werkgevers;
- UWV;
- onderwijs;
- zorg- en welzijnspartijen;
- re-integratiepartners;
- jobcoaches;
- sociale ondernemingen;
- regionale werkcentra.
Een toekomstbestendige sociale infrastructuur vraagt om goede samenwerking tussen al deze partijen.
Waarom ontwikkelbedrijven belangrijk blijven
Soms wordt gedacht dat ontwikkelbedrijven minder nodig zijn omdat de Wsw langzaam afloopt. Maar de behoefte aan ondersteuning verdwijnt niet.
Er blijven mensen die extra begeleiding nodig hebben om te kunnen werken. Er blijven mensen voor wie regulier werk tijdelijk of langdurig niet haalbaar is. En er blijven werkgevers die ondersteuning nodig hebben om inclusief werkgeverschap goed te organiseren.
Ontwikkelbedrijven blijven belangrijk omdat zij:
- passende werkplekken bieden;
- mensen begeleiden in werk;
- ontwikkeling mogelijk maken;
- werkgevers ondersteunen;
- beschut werk uitvoeren;
- SROI praktisch uitvoerbaar maken;
- kennis hebben van loonwaarde, begeleiding en belastbaarheid;
- een vangnet bieden als regulier werk niet lukt;
- een springplank kunnen zijn naar regulier werk.
De sociale werkplaats is dus niet verdwenen. Zij is veranderd van vorm, naam en opdracht.
De toekomst van ontwikkelbedrijven
De toekomst van ontwikkelbedrijven staat volop in de belangstelling. De Wsw-doelgroep neemt af, maar de behoefte aan passende ondersteuning blijft. Tegelijkertijd groeit de aandacht voor beschut werk, loonkostensubsidie, doorstroom naar regulier werk en versterking van de sociale infrastructuur.
Rijk, gemeenten, VNG, Cedris, Divosa en sociaal ontwikkelbedrijven werken daarom aan een toekomstbestendige sociale infrastructuur. Daarbij gaat het om vragen zoals:
- Welke rol krijgt het ontwikkelbedrijf binnen de gemeente of regio?
- Welke doelgroepen worden ondersteund?
- Hoe blijft beschut werk beschikbaar?
- Hoe wordt doorstroom naar regulier werk versterkt?
- Hoe worden kosten en opbrengsten eerlijk verdeeld?
- Hoe blijft de bedrijfsvoering financieel gezond?
- Hoe werken gemeenten, werkgevers en ontwikkelbedrijven beter samen?
De antwoorden verschillen per regio. Maar de centrale opgave is overal hetzelfde: zorgen dat mensen die ondersteuning nodig hebben, passend kunnen werken en meedoen.
Hoe vind ik het juiste ontwikkelbedrijf?
Door de verschillende namen en organisatievormen is het niet altijd eenvoudig om te vinden welk ontwikkelbedrijf actief is in welke gemeente.
Ontwikkelbedrijven.nl maakt dit overzichtelijk. U kunt zoeken per provincie, gemeente of organisatie. Zo ziet u welk ontwikkelbedrijf in uw regio actief is en welke mogelijkheden er zijn voor samenwerking, uitvoering of SROI-invulling.
De rol van Ontwikkelbedrijven.nl
Ontwikkelbedrijven.nl maakt ontwikkelbedrijven in Nederland beter vindbaar en toegankelijk.
Het platform is onafhankelijk en bedoeld als aanvullende digitale toegangslaag bovenop de bestaande sociale infrastructuur. Wij brengen overzicht, uitleg en praktische toegang samen.
Op Ontwikkelbedrijven.nl vindt u:
- ontwikkelbedrijven per provincie;
- ontwikkelbedrijven per gemeente;
- uitleg over sociale werkplaatsen en ontwikkelbedrijven;
- informatie over SROI;
- uitleg over beschut werk, loonkostensubsidie en Participatiewet;
- informatie over de toekomst van ontwikkelbedrijven;
- praktische mogelijkheden voor samenwerking of offerte-indicatie.
Zo wordt het eenvoudiger voor werkgevers, gemeenten, inwoners en andere betrokkenen om de juiste ingang te vinden.
Conclusie
De sociale werkplaats van vroeger is veranderd. Sinds de Participatiewet is de Wsw gesloten voor nieuwe instroom en hebben gemeenten meer verantwoordelijkheid gekregen voor werk, participatie en ondersteuning.
Veel voormalige sociale werkplaatsen zijn doorontwikkeld tot ontwikkelbedrijven. Hun opdracht is breder geworden: niet alleen aangepast werk bieden, maar ook begeleiden, ontwikkelen, detacheren, samenwerken met werkgevers en waar mogelijk doorstroom naar regulier werk mogelijk maken.
Toch blijft de kern hetzelfde: mensen naar vermogen laten meedoen via werk.
Ontwikkelbedrijven zijn daarom een onmisbare schakel binnen de sociale infrastructuur. Zij bieden werk, begeleiding, ontwikkeling en perspectief aan mensen die dat nodig hebben.
Verder lezen
- Wat is een ontwikkelbedrijf?
- Dossier: Toekomst van ontwikkelbedrijven
- Wat is sociale infrastructuur?
- Wat is beschut werk?
- Wat is loonkostensubsidie?
- Participatiewet uitgelegd
- Ontwikkelbedrijven en SROI
- Ontwikkelbedrijven per provincie
- Ontwikkelbedrijven per gemeente
Zoekt u een ontwikkelbedrijf voor samenwerking, uitvoering of SROI-invulling?
Wilt u weten welk ontwikkelbedrijf actief is in uw gemeente, of zoekt u een praktische invulling voor SROI of samenwerking? Bekijk het overzicht per gemeente of vraag vrijblijvend een eerste offerte-indicatie aan.
Veel gestelde vragen
Bestaat de sociale werkplaats nog?
De sociale werkplaats als Wsw-regeling is sinds 2015 gesloten voor nieuwe instroom. Mensen die al een Wsw-indicatie hadden, behouden hun rechten. De organisaties zelf bestaan op veel plekken nog wel, maar zijn vaak doorontwikkeld tot ontwikkelbedrijf, sociaal ontwikkelbedrijf, werkbedrijf of werkontwikkelbedrijf.
Wat is het verschil tussen een sociale werkplaats en een ontwikkelbedrijf?
De sociale werkplaats was vooral gericht op mensen met een Wsw-indicatie. Een ontwikkelbedrijf heeft meestal een bredere rol. Naast Wsw en beschut werk kan een ontwikkelbedrijf ook begeleiding, re-integratie, detachering, loonkostensubsidie, SROI en ondersteuning richting regulier werk organiseren.
Waarom heet het tegenwoordig ontwikkelbedrijf?
De term ontwikkelbedrijf past beter bij de huidige opdracht. Het gaat niet alleen om werk aanbieden, maar ook om mensen helpen ontwikkelen. Denk aan werkritme, werknemersvaardigheden, vakvaardigheden, zelfvertrouwen en waar mogelijk doorgroei naar regulier werk.
Kan ik nog bij een sociale werkplaats werken?
Nieuwe instroom in de Wsw is niet meer mogelijk. Wel kunnen mensen via de Participatiewet ondersteuning krijgen, bijvoorbeeld via beschut werk, loonkostensubsidie, begeleiding of een traject bij een ontwikkelbedrijf. De gemeente beoordeelt welke ondersteuning passend is.
Is beschut werk hetzelfde als de sociale werkplaats?
Nee, beschut werk is niet hetzelfde als de vroegere sociale werkplaats. Beschut werk is een voorziening binnen de Participatiewet voor mensen die alleen kunnen werken met veel begeleiding of aanpassing. Beschut werk wordt vaak uitgevoerd door ontwikkelbedrijven, maar kan soms ook bij reguliere werkgevers worden georganiseerd.
Waarom verschillen ontwikkelbedrijven per gemeente?
Gemeenten zijn sinds de Participatiewet verantwoordelijk voor de inrichting van werk, participatie en ondersteuning. Daardoor maken gemeenten verschillende keuzes. Sommige ontwikkelbedrijven voeren vooral Wsw en beschut werk uit, terwijl andere organisaties ook re-integratie, werkgeversdienstverlening, inkomen of inburgering uitvoeren.
Wat doet een ontwikkelbedrijf voor werkgevers?
Een ontwikkelbedrijf kan werkgevers helpen met sociaal ondernemen, detachering, productie- en inpakwerk, groenvoorziening, schoonmaak, facilitaire diensten, begeleiding op de werkvloer en SROI-invulling. Ook kunnen ontwikkelbedrijven ondersteunen bij inclusief werkgeverschap.
Is een ontwikkelbedrijf alleen bedoeld voor mensen met een arbeidsbeperking?
Niet altijd. Veel ontwikkelbedrijven ondersteunen mensen met een arbeidsbeperking, Wsw-achtergrond, indicatie beschut werk of loonkostensubsidie. Maar sommige ontwikkelbedrijven ondersteunen ook bredere doelgroepen, zoals bijstandsgerechtigden, statushouders, jongeren uit praktijkonderwijs of mensen die re-integratie nodig hebben.
Waarom zijn ontwikkelbedrijven nog steeds nodig?
Ontwikkelbedrijven blijven nodig omdat niet iedereen zelfstandig aan het werk komt of direct bij een reguliere werkgever kan werken. Zij bieden passende werkplekken, begeleiding, ontwikkeling, beschut werk en een vangnet wanneer regulier werk nog niet haalbaar is.
Hoe vind ik het ontwikkelbedrijf in mijn gemeente?
Via Ontwikkelbedrijven.nl kunt u zoeken per provincie, gemeente of organisatie. Zo ziet u welk ontwikkelbedrijf actief is in uw regio en welke mogelijkheden er zijn voor samenwerking, uitvoering of SROI-invulling.
Disclaimer:
Ontwikkelbedrijven bepalen zelfstandig hun dienstverlening, tarieven en voorwaarden.
Ontwikkelbedrijven.nl biedt een landelijk overzicht en ondersteunende hulpmiddelen.